Langrit Start je gratis proefperiode

← Alle lessen Spaanse grammatica

De gebiedende wijs (imperativo)

Gratis les Spaanse grammatica · A2

Iemand iets opdragen

Het Spaans kiest een andere vorm afhankelijk van wie je aanspreekt, en nog een andere vorm als de opdracht ontkennend is.

Persoon Bevestigend Ontkennend
habla, come, escribe no hables, no comas, no escribas
usted hable, coma, escriba no hable, no coma, no escriba
nosotros hablemos, comamos no hablemos, no comamos
vosotros (Spanje) hablad, comed, escribid no habléis, no comáis, no escribáis
ustedes hablen, coman, escriban no hablen, no coman, no escriban

De bevestigende -vorm is gewoon de él-vorm van de tegenwoordige tijd: él habla → ¡Habla! Bij vosotros vervang je de -r van de infinitief door -d: comer → comed.

Alle andere vormen in de tabel komen uit de aanvoegende wijs (subjuntivo). Daarom wisselt de klinker: -ar-werkwoorden krijgen e, -er/-ir-werkwoorden krijgen a.

Onregelmatige tú-vormen

Acht werkwoorden hebben een korte bevestigende -vorm. De ontkennende vormen zijn gewone subjuntivo-vormen.

Werkwoord Bevestigend Ontkennend
decir di no digas
hacer haz no hagas
ir ve no vayas
poner pon no pongas
salir sal no salgas
ser no seas
tener ten no tengas
venir ven no vengas
  • Haz la cama, por favor. — Maak je bed op, alsjeblieft.
  • No seas tan impaciente. — Wees niet zo ongeduldig.

Voornaamwoorden

In een bevestigende opdracht zit het voornaamwoord vast aan het werkwoord, meestal met een accent om de klemtoon te houden. In een ontkennende opdracht staat het vóór het werkwoord.

Bevestigend Ontkennend
Dímelo. — Zeg het me. No me lo digas.
Siéntate. — Ga zitten. No te sientes.
Cómpralo. — Koop het. No lo compres.
Levántense. — Staat u op. (ustedes) No se levanten.

Wederkerende vosotros-vormen verliezen de -d: sentad + os → sentaos.

Een opdracht verzachten

Een kale gebiedende wijs kan bot klinken. Voeg por favor toe, of gebruik een vraag: ¿Puedes cerrar la ventana?, ¿Me pasas la sal?

Let op als Nederlandstalige

  • Ontkennend is niet gewoon no + dezelfde vorm. In het Nederlands blijft «Eet!» ook in «Eet dat niet!» hetzelfde. ✗ No come el pastel. / ✓ No comas el pastel.
  • De u-vorm is geen tú-vorm. «Komt u binnen» klinkt beleefd door «u»; in het Spaans verandert het werkwoord zelf. ✗ Entra, señora. / ✓ Entre, señora.
  • «Laten we» is één woord.Dejemos comer. / ✓ Comamos, of in de praktijk vaker Vamos a comer.
  • Voornaamwoorden achteraan, maar aan elkaar. «Geef het me» wordt: ✗ Da lo me. / ✓ Dámelo. En bij een ontkenning weer vooraan: ✗ No siéntate. / ✓ No te sientes.

Voorbeelddialoog

Oye, ven un momento. — Hé, kom even.
Voy. ¿Qué pasa? — Ik kom. Wat is er?
Ayúdame con esta caja, por favor. No la levantes sola. — Help me even met deze doos. Til hem niet alleen op.
Vale. Ponla aquí y dime si pesa mucho. — Oké. Zet hem hier neer en zeg of hij zwaar is.
No te preocupes, es ligera. — Maak je geen zorgen, hij is licht.

Wil je dat het blijft hangen? Doe de interactieve quiz en oefen deze structuur met gespreide herhaling.

Oefen dit onderwerp gratis

Meer Spaanse grammatica