De of het? Lidwoordchecker Nederlands
Typ een Nederlands zelfstandig naamwoord en zie meteen of het "de" of "het" krijgt, met de regel achter het antwoord.
Stop met gokken bij lidwoorden. Langrit leert elk woord met de of het erbij.
Start je gratis proefperiodeDe regels die deze tool gebruikt
- het — Verkleinwoorden (-je, -tje, -pje) krijgen altijd "het".
- de — Woorden op -heid of -teit krijgen altijd "de".
- de — Zelfstandige naamwoorden op -ing (van werkwoorden) krijgen "de".
- de — Woorden op -tie, -sie of -ie krijgen bijna altijd "de".
- het — Woorden op -isme, -ment, -sel of -um krijgen meestal "het".
- de — Woorden voor personen (-aar, -eur, -ist, -ent, -ant) krijgen "de".
- het — Zelfstandige naamwoorden die met ge- beginnen (gebouw, gesprek) krijgen meestal "het".
Vragen over de en het
Wanneer krijgt een zelfstandig naamwoord "het"?
Verkleinwoorden op -je krijgen altijd "het" (het meisje, het huisje). Dat geldt ook voor werkwoorden die als zelfstandig naamwoord worden gebruikt (het eten, het lopen), voor talen (het Nederlands) en voor de meeste woorden die beginnen met ge-, be-, ver- of ont- (het gebouw, het begin, het verhaal, het ontbijt). Woorden op -isme, -ment of -um krijgen meestal ook "het".
Wanneer krijgt het "de"?
Alle meervouden krijgen "de" (de huizen). Woorden voor personen zijn bijna altijd "de" (de man, de leraar), net als woorden op -heid, -ing, -tie, -teit en -ij (de vrijheid, de woning, de informatie, de universiteit, de bakkerij). Ongeveer twee op de drie Nederlandse zelfstandige naamwoorden krijgen "de".
Is er voor elk woord een regel?
Nee. Veel alledaagse woorden volgen geen regel (het huis, de tafel, het boek, de stoel), dus het lidwoord leer je samen met het woord. Langrit toont elk nieuw zelfstandig naamwoord met zijn lidwoord en blijft er bij het herhalen naar vragen tot je het onthoudt.
Veelgebruikte het-woorden
Alle zelfstandige naamwoorden die de checker kent, met hun betekenis. Meervouden krijgen altijd "de".
- het adresstraat en nummer van een woning
- het antwoordwat je op een vraag zegt
- het balkonklein buitenterras aan een woning
- het bedmeubel om in te slapen
- het bedrijforganisatie die iets maakt of verkoopt
- het begineerste deel van iets
- het bieralcoholische drank van gerst
- het boekbundel bladzijden om te lezen
- het bordplatte schaal voor eten
- het bosgebied met veel bomen
- het broodgebakken deeg van meel
- het cadeauiets dat je iemand geeft
- het contractgetekende afspraak op papier
- het dakbovenkant van een gebouw
- het deelstuk van een geheel
- het dierlevend wezen dat geen mens is
- het dinerwarme maaltijd in de avond
- het dingvoorwerp zonder eigen naam
- het dorpkleine plaats op het platteland
- het eiproduct van een kip om te eten
- het eilandland omringd door water
- het eindelaatste deel van iets
- het etenalles wat je eet
- het examenofficiële toets aan het eind
- het feestsamenkomst om iets te vieren
- het formulierpapier dat je moet invullen
- het fruiteetbare zoete vruchten
- het gebouwbouwwerk met muren en een dak
- het geldmunten en biljetten om te betalen
- het geluidwat je met je oren hoort
- het gesprekhet praten met iemand
- het gezichtvoorkant van je hoofd
- het glasbeker van doorzichtig materiaal
- het graslaag groen in de tuin
- het haardraden die op je hoofd groeien
- het hartorgaan dat het bloed rondpompt
- het hemdkledingstuk voor het bovenlijf
- het hoofdbovenste deel van het lichaam
- het horlogeklokje om je pols
- het hotelgebouw waar je kunt overnachten
- het huisgebouw waarin je woont
- het huiswerkschoolwerk dat je thuis maakt
- het ideegedachte over hoe iets kan
- het ijsbevroren water; koude zoete lekkernij
- het jaarperiode van twaalf maanden
- het kaartjebewijs dat je betaald hebt
- het kantoorruimte waar mensen aan bureaus werken
- het kindjong mens
- het konijnklein dier met lange oren
- het kopjeklein bakje voor koffie of thee
- het landgebied met een eigen regering
- het leventijd dat iemand bestaat
- het lichaamhet geheel van een mens
- het lichthelderheid waardoor je kunt zien
- het liedmuziek met woorden om te zingen
- het meisjejong vrouwelijk kind
- het mesvoorwerp om mee te snijden
- het museumgebouw met kunst of geschiedenis
- het nieuwswat er pas gebeurd is
- het nummergetal waarmee iets wordt aangeduid
- het ontbijteerste maaltijd van de dag
- het oogorgaan waarmee je ziet
- het oororgaan waarmee je hoort
- het overhemdnet hemd met knopen
- het paardgroot dier om op te rijden
- het papierdun vel om op te schrijven
- het parkgroen gebied in de stad
- het paspoortreisdocument met je gegevens
- het pleinopen ruimte in een stad
- het probleemmoeilijkheid die je moet oplossen
- het raamvenster in een muur
- het receptbriefje van de arts; manier om te koken
- het restaurantzaak waar je kunt eten
- het salarisgeld dat je per maand verdient
- het sapdrank uit geperst fruit
- het schaapboerderijdier met wol
- het seizoeneen van de vier delen van het jaar
- het speliets dat je voor je plezier speelt
- het stationplek waar de trein stopt
- het strandzandige rand langs de zee
- het stukafgescheiden deel van iets
- het toiletwc, kleine ruimte om te plassen
- het uurperiode van zestig minuten
- het varkenroze boerderijdier
- het verhaalvertelling over gebeurtenissen
- het vleeseetbaar deel van een dier
- het vliegtuigvoertuig dat door de lucht gaat
- het vliegveldterrein waar vliegtuigen landen
- het voetbalsport met elf spelers en een bal
- het voorbeeldgeval dat iets duidelijk maakt
- het vuurhete vlammen die branden
- het waterheldere drank zonder smaak
- het weekendzaterdag en zondag samen
- het weertoestand van de lucht buiten
- het werkwat je doet om geld te verdienen
- het woordkleinste deel van een zin met betekenis
- het ziekenhuisgebouw waar zieken behandeld worden
- het zoutwitte korrels die eten zout maken
Veelgebruikte de-woorden
- de afspraakvaste tijd om ergens te zijn
- de apotheekwinkel voor medicijnen
- de appelronde vrucht van de appelboom
- de autovoertuig met vier wielen
- de avonddeel van de dag voor de nacht
- de baanbetaald werk bij een werkgever
- de baasleidinggevende op het werk
- de babyheel jong kind
- de badkamerruimte om te douchen
- de balrond voorwerp om mee te spelen
- de banaanlange gele vrucht
- de banklang zitmeubel; geldinstelling
- de belastinggeld dat je aan de staat betaalt
- de berghoge verhoging in het landschap
- de bibliotheekplek waar je boeken leent
- de bloemgekleurd deel van een plant
- de boomhoge plant met een stam
- de bootvoertuig dat op water vaart
- de botervet smeersel van melk
- de briefgeschreven bericht in een envelop
- de brilglazen om beter te zien
- de broekkledingstuk voor de benen
- de broerzoon van dezelfde ouders
- de brugovergang over water
- de busgrote wagen voor veel reizigers
- de buurmanman die naast je woont
- de centhonderdste deel van een euro
- de collegaiemand met wie je samenwerkt
- de computerapparaat om mee te werken
- de cursusreeks lessen over één onderwerp
- de dagperiode van vierentwintig uur
- de deurbeweegbare afsluiting van een opening
- de dochtervrouwelijk kind van iemand
- de dokterarts die zieken behandelt
- de doodeinde van het leven
- de euromunt van Nederland en Europa
- de fabriekgebouw waar dingen gemaakt worden
- de familiemensen die aan je verwant zijn
- de fietstweewieler om op te rijden
- de filmbewegende beelden met een verhaal
- de fleshoge houder voor drank
- de fotobeeld gemaakt met een camera
- de foutiets dat niet goed is
- de gemeentebestuur van een stad of dorp
- de groenteeetbare planten bij de maaltijd
- de handdeel aan het eind van je arm
- de herfstseizoen waarin de bladeren vallen
- de hoedkledingstuk op je hoofd
- de hondhuisdier dat blaft
- de huisartsarts voor dagelijkse klachten
- de hulpsteun bij iets moeilijks
- de huurbedrag dat je per maand voor een woning betaalt
- de jaskledingstuk dat je buiten aantrekt
- de jongenjong mannelijk kind
- de jurkkledingstuk van één stuk voor vrouwen
- de kaasvast product van melk
- de kamerruimte in een huis
- de kansmogelijkheid dat iets lukt
- de kantzijde van iets
- de kastmeubel om spullen in te bewaren
- de kathuisdier dat miauwt
- de kelderruimte onder de grond
- de kerkgebouw voor christelijke diensten
- de keukenruimte waar je kookt
- de keuzewat je kiest uit meerdere dingen
- de kipboerderijvogel die eieren legt
- de kleurwat je ziet als rood of blauw
- de klokapparaat dat de tijd aanwijst
- de koeboerderijdier dat melk geeft
- de koffiehete drank van koffiebonen
- de krantpapier met het nieuws van de dag
- de lampvoorwerp dat licht geeft
- de lenteseizoen na de winter
- de lepelbestek voor soep en suiker
- de leraariemand die lesgeeft
- de lesuur waarin je iets leert
- de letterteken van het alfabet
- de liefdesterk warm gevoel voor iemand
- de lifttoestel dat je naar boven brengt
- de luchtruimte boven ons; gas om te ademen
- de lunchmaaltijd midden op de dag
- de maanhemellichaam dat om de aarde draait
- de maandperiode van ongeveer dertig dagen
- de manvolwassen mannelijke persoon
- de marktplein met kramen om te kopen
- de melkwitte drank die van koeien komt
- de menslevend wezen dat kan denken en spreken
- de middagdeel van de dag na twaalf uur
- de minuutperiode van zestig seconden
- de moedervrouwelijke ouder
- de mondopening waarmee je eet en praat
- de moskeegebouw voor islamitisch gebed
- de muisklein grijs knaagdier
- de muurverticale wand van steen
- de muziekklanken en melodie om naar te luisteren
- de naamwoord waarmee iemand heet
- de nachthet donkere deel van het etmaal
- de neusorgaan waarmee je ruikt
- de ochtendeerste deel van de dag
- de oefeningopdracht om iets te leren
- de omamoeder van je ouder
- de oombroer van je ouder
- de opavader van je ouder
- de paginaéén kant van een blad in een boek
- de penvoorwerp om mee te schrijven
- de peperscherpe specerij
- de plaatsruimte of locatie waar iets is
- de plantlevend groen gewas
- de plekpunt waar iets precies is
- de portemonneeklein tasje voor geld
- de prijsbedrag dat iets kost
- de radioapparaat om naar te luisteren
- de regenwater dat uit de wolken valt
- de reistocht naar een andere plaats
- de rekeningpapier met wat je moet betalen; bankrekening
- de rijstwitte korrels die je kookt
- de rittocht met een voertuig
- de rivierbreed stromend water
- de rokkledingstuk om de heupen
- de schoenkledingstuk voor je voet
- de schoolgebouw waar kinderen leren
- de secondezestigste deel van een minuut
- de slaapkamerkamer waar je slaapt
- de sleutelvoorwerp om een slot te openen
- de sneeuwwitte vlokken die uit de lucht vallen
- de soepwarm vloeibaar gerecht
- de sokkledingstuk in je schoen
- de sportbeweging als wedstrijd of oefening
- de stadgrote plaats met veel inwoners
- de stemgeluid van een mens die spreekt
- de sterlichtpunt aan de hemel
- de stoelmeubel om op te zitten
- de stormzeer harde wind
- de straatweg met huizen ernaast
- de suikerzoete witte korrels
- de supermarktgrote winkel voor boodschappen
- de taalsysteem van woorden om te praten
- de tafelmeubel met een blad op poten
- de tantezus van je ouder
- de tashouder om spullen in te dragen
- de telefoonapparaat om mee te bellen
- de televisieapparaat om naar te kijken
- de theehete drank van theeblaadjes
- de tijdhet verlopen van uren en dagen
- de toetskleine proef van je kennis
- de tramvoertuig op rails in de stad
- de traptreden tussen twee verdiepingen
- de treinvoertuig dat op rails rijdt
- de truiwarm kledingstuk van wol
- de tuinstuk grond bij een huis
- de universiteithoogste school voor studenten
- de vadermannelijke ouder
- de vakantievrije tijd zonder werk
- de verdiepinglaag van een gebouw
- de vergaderingbijeenkomst om te overleggen
- de verzekeringcontract dat schade vergoedt
- de visdier dat in het water leeft
- de vloeronderkant van een kamer
- de voetdeel aan het eind van je been
- de vogeldier met veren dat vliegt
- de vorkbestek met tanden
- de vraagzin waarop je een antwoord wilt
- de vriendman met wie je bevriend bent
- de vriendinvrouw met wie je bevriend bent
- de vrouwvolwassen vrouwelijke persoon
- de weekperiode van zeven dagen
- de wegverharde baan om op te rijden
- de wereldde hele aarde met alle mensen
- de wijnalcoholische drank van druiven
- de windbewegende lucht buiten
- de winkelzaak waar je iets koopt
- de winterkoudste seizoen van het jaar
- de woonkamerkamer om in te zitten
- de zeegroot zout water
- de zingroep woorden die samen iets uitdrukken
- de zolderruimte onder het dak
- de zomerwarmste seizoen van het jaar
- de zonster die ons licht en warmte geeft
- de zoonmannelijk kind van iemand
- de zusdochter van dezelfde ouders