Twee stammen, en wat elke stam bouwt
Elk Perzisch werkwoord heeft een verledentijdsstam en een tegenwoordigetijdsstam. Leer ze allebei samen met de infinitief, en het hele werkwoordssysteem valt op zijn plaats.
| Stam | Bouwt |
|---|---|
| verledentijdsstam | verleden tijd (رفتم), onvoltooid verleden (میرفتم), deelwoord op ـه en alle voltooide tijden (رفتهام), formele toekomende tijd (خواهم رفت) |
| tegenwoordigetijdsstam | tegenwoordige tijd (میروم), aanvoegende wijs (بروم), gebiedende wijs (برو), duratief (دارم میروم) |
De verledentijdsstam is altijd de infinitief min ـن. De tegenwoordigetijdsstam kun je vaak niet voorspellen, dus die moet je leren.
Regelmatige patronen
| Soort infinitief | Tegenwoordigetijdsstam | Voorbeeld |
|---|---|---|
| ـیدن | ـیدن eraf | خریدن → خر (میخرم) |
| ـیدن | ـیدن eraf | رسیدن → رس, پرسیدن → پرس |
| ـاندن | ـان | رساندن → رسان (میرسانم), خواندن → خوان |
De onregelmatige paren die je moet kennen
| Infinitief | Verledentijdsstam | Tegenwoordigetijdsstam |
|---|---|---|
| رفتن (gaan) | رفت | رو |
| آمدن (komen) | آمد | آ |
| گفتن (zeggen) | گفت | گو |
| دیدن (zien) | دید | بین |
| کردن (doen) | کرد | کن |
| شدن (worden) | شد | شو |
| دادن (geven) | داد | ده |
| خواستن (willen) | خواست | خواه |
| دانستن (weten) | دانست | دان |
| توانستن (kunnen) | توانست | توان |
| نوشتن (schrijven) | نوشت | نویس |
| نشستن (zitten) | نشست | نشین |
| گرفتن (nemen) | گرفت | گیر |
| ساختن (bouwen) | ساخت | ساز |
| فروختن (verkopen) | فروخت | فروش |
| بودن (zijn) | بود | باش |
| داشتن (hebben) | داشت | دار |
Eindigt de tegenwoordigetijdsstam op ا of و, dan verschijnt er een ی vóór een uitgang met klinker: آ → میآیم, گو → میگویم.
Opzoeken
Een woordenboek geeft de infinitief en tussen haakjes de tegenwoordigetijdsstam: گفتن (گو). Schrijf nieuwe werkwoorden in drie kolommen op: infinitief, verledentijdsstam, tegenwoordigetijdsstam. Dat is hetzelfde rijtje als "lopen, liep, gelopen", alleen zit het onvoorspelbare deel ergens anders.
Let op als Nederlandstalige
- In het Nederlands haal je de ik-vorm van de tegenwoordige tijd gewoon uit de infinitief (lopen → loop) en zitten de verrassingen in de verleden tijd (liep). In het Perzisch is het omgekeerd: de verleden tijd رفتم is regelmatig, de tegenwoordige tijd میروم niet.
- Bouw de tegenwoordige tijd dus niet op de infinitief: ✗ میرفتنم / ✓ میروم. En niet op de verledentijdsstam: میرفتم bestaat wel, maar betekent "ik ging (vroeger)".
- بودن heeft twee tegenwoordige vormen: هستم voor gewone mededelingen en de stam باش voor de aanvoegende en gebiedende wijs (باشم، باش).
Voorbeelddialoog
فعلِ «نوشتن» در زمانِ حال چطور میشود؟ — Hoe gaat "نوشتن" in de tegenwoordige tijd?
بنِ مضارعش «نویس» است، پس مینویسم. — De tegenwoordigetijdsstam is نویس, dus مینویسم.
و گذشتهاش؟ — En de verleden tijd?
نوشتم. بنِ ماضی همیشه آسان است. — نوشتم. De verledentijdsstam is altijd de makkelijke.