Langrit Start je gratis proefperiode

← Alle lessen Perzische grammatica

De tegenwoordige tijd (مضارع اخباری)

Gratis les Perzische grammatica · A1

Zo bouw je hem

Elk Perzisch werkwoord heeft twee stammen: een verledentijdsstam en een tegenwoordigetijdsstam. De tegenwoordige tijd is:

می‌ + tegenwoordigetijdsstam + persoonsuitgang

Persoon Uitgang خوردن (eten), stam خور رفتن (gaan), stam رو دیدن (zien), stam بین
من ـم می‌خورم (mikhoram) می‌روم (miravam) می‌بینم (mibinam)
تو ـی می‌خوری (mikhori) می‌روی (miravi) می‌بینی (mibini)
او ـد می‌خورد (mikhorad) می‌رود (miravad) می‌بیند (mibinad)
ما ـیم می‌خوریم (mikhorim) می‌رویم (miravim) می‌بینیم (mibinim)
شما ـید می‌خورید (mikhorid) می‌روید (miravid) می‌بینید (mibinid)
آن‌ها ـند می‌خورند (mikhorand) می‌روند (miravand) می‌بینند (mibinand)

می‌ schrijf je met een halve spatie. De uitgangen lijken sterk op de korte vormen van "zijn"; alleen de derde persoon enkelvoud verschilt (ـد). Anders dan in het Nederlands, waar "wij/jullie/zij lopen" dezelfde vorm hebben, heeft elke persoon zijn eigen uitgang.

Stammen die op een klinker eindigen

Eindigt de stam op ا of و (klank u), dan komt er een ی voor de uitgang:

آمدن (komen), stam آ گفتن (zeggen), stam گو
می‌آیم (mi-āyam) می‌گویم (miguyam)
می‌آیی می‌گویی
می‌آید می‌گوید
می‌آییم می‌گوییم
می‌آیید می‌گویید
می‌آیند می‌گویند

Leer de stam met de infinitief

De verledentijdsstam haal je uit de infinitief (ـن eraf), maar de tegenwoordigetijdsstam kun je vaak niet raden. Leer ze samen, zoals je in het Nederlands "lopen, liep, gelopen" leert (les 17):

Infinitief Stam "ik ..."
کردن (doen) کن می‌کنم
نوشتن (schrijven) نویس می‌نویسم
خواندن (lezen) خوان می‌خوانم
دانستن (weten) دان می‌دانم

Wat hij betekent

Eén vorm dekt "ik eet", "ik ben aan het eten" en vaak ook de toekomst:

  • هر روز چای می‌خورم. — Ik drink elke dag thee.
  • الان غذا می‌خورم. — Ik ben nu aan het eten.
  • فردا به شیراز می‌روم. — Morgen ga ik naar Shiraz.

Twee heel gewone werkwoorden krijgen in de tegenwoordige tijd geen می‌: هستم (ik ben) en دارم (ik heb).

In spreektaal worden veel stammen korter en wordt ـد een ـه: می‌روممی‌رم (miram), می‌گویدمی‌گه (mige), می‌آیممیام (miyām). Meer daarover in les 32.

Let op als Nederlandstalige

  • "Ik ben aan het eten" bouw je niet met "zijn" + werkwoord: ✗ من هستم می‌خورم. / ✓ (الان) می‌خورم.
  • Het Nederlands zegt ook "morgen ga ik", zonder "zullen". Dat werkt in het Perzisch precies zo: فردا می‌آیم. — Morgen kom ik. Het verschil zit in de volgorde: het werkwoord blijft achteraan.
  • Bouw de tegenwoordige tijd niet op de infinitief of de verleden stam: ✗ می‌دیدم (dat betekent "ik zag vroeger") / ✓ می‌بینم (ik zie).
  • Schrijf می‌ met een halve spatie: میخورم zie je vaak, maar standaard is می‌خورم.

Voorbeelddialoog

صبح‌ها چه می‌خوری؟ — Wat eet jij 's ochtends?
نان و پنیر می‌خورم و چای می‌نوشم. — Ik eet brood met kaas en drink thee.
با اتوبوس سرِ کار می‌روی؟ — Ga je met de bus naar je werk?
نه، با مترو می‌روم. — Nee, ik ga met de metro.

Wil je dat het blijft hangen? Doe de interactieve quiz en oefen deze structuur met gespreide herhaling.

Oefen dit onderwerp gratis

Meer Perzische grammatica