Langrit Start je gratis proefperiode

← Alle lessen Engelse grammatica

Bezittelijke voornaamwoorden

Gratis les Engelse grammatica · A1

Bezit aangeven: my, your, his …

Bezittelijke voornaamwoorden zeggen van wie iets is. Ze staan altijd vóór een zelfstandig naamwoord en veranderen nooit, geen verschil tussen enkelvoud en meervoud, geen -e zoals in onze:

Persoon Engels Nederlands Voorbeeld
I my mijn / m'n my book — mijn boek
you your jouw / je / uw / jullie your phone — jouw telefoon
he his zijn / z'n his car — zijn auto
she her haar / d'r her bag — haar tas
it its zijn / haar (van een ding) its name — zijn naam
we our ons / onze our house — ons huis
they their hun their children — hun kinderen

Meervoud maakt niets uit: my bookmy books, our friendour friends. Nooit mys of oure.

his of her? Kijk naar de bezitter

In het Nederlands is dat hetzelfde: zijn voor een man, haar voor een vrouw. Het Engels doet het ook zo, het gaat om wie de eigenaar is, niet om het ding:

  • Tom and his sister. — Tom en zijn zus. (Tom is een man → his)
  • Anna and her brother. — Anna en haar broer. (Anna is een vrouw → her)

De grote valkuil: your vs. you're, its vs. it's, their vs. there

Deze paren klinken hetzelfde maar betekenen iets totaal anders. Zelfs moedertaalsprekers halen ze door elkaar, dus wees hier extra scherp:

Bezittelijk (geen apostrof) Samentrekking / ander woord
your — jouw: your bike you're = you are — je bent
its — zijn (van een ding): its door it's = it is — het is
their — hun: their house there — daar / er; they're = they are

Regel: een bezittelijk voornaamwoord heeft nooit een apostrof.

  • It's cold. The dog is in its basket. — Het is koud. De hond ligt in zijn mand.
  • You're late for your class. — Je bent te laat voor je les.

Bezit met 's: de Engelse “Jan z'n fiets”

Voor personen gebruikt het Engels 's, vergelijkbaar met de Nederlandse spreektaal “Jan z'n fiets” of het formele “Jans fiets”:

  • Jan's bike — Jans fiets / de fiets van Jan
  • my mother's car — de auto van mijn moeder
  • the children's room — de kamer van de kinderen

Bij een meervoud dat al op s eindigt, komt alleen een apostrof: my parents' house — het huis van mijn ouders.

Voor dingen gebruik je liever of: the door of the house — de deur van het huis.

Zelfstandig gebruik: mine, yours, hers …

Als er geen zelfstandig naamwoord volgt (Nederlands: “die van mij”, “de mijne”), verandert de vorm:

Vóór een naamwoord Zelfstandig
my bike This bike is mine. — Deze fiets is van mij.
your bike Is this yours? — Is dit van jou?
his bike It's his. — Het is van hem.
her bike It's hers. — Het is van haar.
our bike It's ours. — Het is van ons.
their bike It's theirs. — Het is van hen.

Let op: his blijft his, en de zelfstandige vormen krijgen óók geen apostrof: her's, your's bestaan niet.

Wil je dat het blijft hangen? Doe de interactieve quiz en oefen deze structuur met gespreide herhaling.

Oefen dit onderwerp gratis

Meer Engelse grammatica